Als je zwanger bent, heb je recht op zwangerschapsverlof en aansluitend bevallingsverlof. Ook als je een uitkering ontvangt, heb je recht op dit verlof. Je hoeft dan in die periode niet te solliciteren.
10 Weken bevallingsverlof
Iedere vrouw heeft recht op in totaal 16 weken zwangerschaps- en bevallingsverlof. Meestal vanaf 6 weken voor de uitgerekende datum tot en met 10 weken na de bevalling. Natuurlijk weet je niet wanneer je precies zult bevallen. Daarom is er de regel dat je na je bevalling in ieder geval nog 10 weken bevallingsverlof hebt.
Rekenvoorbeeld
-
Stop je 6 weken voor de uitgerekende datum? Dan heb je na de bevalling 10 weken verlof over.
-
Stop je 5 weken voor de uitgerekende datum? Dan heb je na de bevalling 11 weken verlof over.
-
Stop je 4 weken voor de uitgerekende datum? Dan heb je na de bevalling nog 12 weken vrij.
-
Komt je baby later dan de uitgerekende datum? Dan kan je verlof langer duren. Je hebt altijd minstens 10 weken vrij na de bevalling.
-
Komt je baby eerder dan de uitgerekende datum? Dan blijft het verlof in totaal 16 weken.
Het verlof in gedeeltes opnemen
Je mag het bevallingsverlof niet in gedeeltes opnemen. In overleg met je werkgever kun je het bevallingsverlof eventueel wel verlengen met vakantiedagen. Of overleg de mogelijkheden van ouderschapsverlof.
Doorbetaald worden?
Via je werkgever ontvang je een uitkering ter hoogte van je salaris. Deze uitkering bedraagt maximaal €190,32 per dag. Als je salaris hoger is dan dit bedrag, dan kan het zijn dat je tijdens je zwangerschapsverlof en je bevallingsverlof minder geld krijgt.
Weer aan het werk?
Wil je na je zwangerschapsverlof weer werken? Denk dan al vroeg na over kinderopvang. Bespreek ook met je werkgever de mogelijkheid om minder te werken, als je dat graag zou willen. Ga je minimaal 42 dagen na de bevalling alweer aan het werk, dan vervalt je recht op bevallingsverlof.