Concentratieproblemen

Bookmark and Share

Je kind leert steeds meer om langere tijd en geconcentreerd met hetzelfde bezig te zijn.

Voor een kleuter is het nog lastig om zich op een ding te richten. Een kind in de bovenbouw kan dat meestal al heel goed. Maar niet alleen leeftijd heeft invloed. Ook verschillen kinderen wat betreft temperament. Het ene kind gaat meer van het één naar het ander, de ander doet graag de dingen netjes na elkaar.

Schep rust

Je kunt als ouder je kind helpen om zich langer achtereen te concentreren. Zorg voor een rustige omgeving. Neem ook de tijd voor je kind. Dat vraagt van jezelf een gevoel van 'we hebben alle tijd en aandacht'.

Interesse geeft concentratie

Je kind heeft meer concentratie als hij interesse heeft in wat hij doet. En hij is langer met iets bezig als de activiteit past bij wat hij wil. Laat je kind dan ook regelmatig zelf kiezen. Kijk goed welke initiatieven uit je kind zelf komen en sluit daar dan bij aan. Het is verder belangrijk dat de activiteit past bij wat je kind kan en dus niet te makkelijk of te moeilijk is.

Leren doorzetten

Je kind moet ook leren om ergens aan te beginnen en het ook af te maken. Je kunt je kind daarbij helpen.

  • Bijvoorbeeld door je kind af en toe verder te helpen: "Als je dit eerst vastplakt, dan kun je daarna weer verder."
  • Natuurlijk geef je je kind complimenten als je kind doorzet. Sommige dingen kosten moeite, maar het is des te fijner als je ze bereikt.
  • Je kind mag natuurlijk ook iets proberen en merken dat het toch niet zo leuk is.
  • Ook is het niet erg als iets niet (helemaal) lukt. Het gaat meer om de activiteit, om het proberen, dan om het resultaat.
  • Je kind leert er ook van als iets niet lukt. Bijvoorbeeld: dat papier is te dun, de toren blijft niet staan. De volgende keer probeert je kind het dan misschien met karton.

Wat als concentreren niet lukt?

Als je merkt dat je kind bij elke bezigheid niet langer dan enkele minuten de aandacht erbij kan houden, dan is dat wel zorgelijk. Je kunt je kind blijven aanmoedigen, maar misschien wordt het opvoeden op deze manier wel 'minder leuk'. Je voelt je misschien zelfs een soort veredelde politieagent en je zou je kind ook graag rustig en evenwichtig zien.

  • Misschien heeft je kind meer rust of verwerkingstijd nodig.
  • Of misschien moet onderzocht worden of je kind last heeft van een bepaalde psychische overgevoeligheid voor prikkels (ADHD).
  • Neem hiervoor contact op met de jeugdarts van het Centrum voor Jeugd en Gezin of je huisarts.