Als jij en je partner familie van elkaar zijn, kunnen jullie meer dezelfde erfelijke eigenschappen hebben dan andere paren. Het is niet erg dat sommige eigenschappen dan misschien wat meer benadrukt worden. Misschien zijn die familietrekjes zelfs wel leuk.
Erfelijke aandoening
We zijn allemaal (zonder het zelf te weten) drager van enkele erfelijke aandoeningen. Je merkt daar meestal niets van. Maar je kunt ze wel doorgeven aan je kinderen. Ongeveer 3 tot 5 procent van de kinderen wordt geboren met een erfelijke en/of aangeboren aandoening.
Neef en nicht
Als je partner je neef of nicht is, dan geldt het volgende:
-
je hebt 5 tot 8 procent kans op een kind met een aandoening;
-
ook als er verder geen aandoeningen in de familie voorkomen.
Ook als je partner je achterneef of achternicht is, heb je een iets verhoogde kans op een kind met een aandoening. Als bekend is dat in je familie erfelijke aandoeningen voorkomen, dan kan de kans op een kind met een aandoening groter zijn.
Praat erover
Het wordt aangeraden om dit onderwerp al vóór de zwangerschap met de verloskundige, huisarts of klinisch geneticus (specialist op het gebied van erfelijkheid) te bespreken. Als er in jullie familie erfelijke aandoeningen voorkomen, dan kan soms met onderzoek bepaald worden of jullie drager zijn van deze aandoening.
Meer informatie over erfelijkheid kun je vinden op de website Erfelijkheid.nl van het Erfocentrum.