Over het algemeen hebben huisdieren een positieve invloed op de ontwikkeling van kinderen. Maar huisdieren kunnen ook gevaarlijke situaties met zich meebrengen.
Bijten en krabben
Honden, katten en andere huisdieren kunnen uit enthousiasme of angst je kind bijten of krabben. Een beet of krabwond kan een infectie veroorzaken. Spoel de plek het liefst meteen uit met zeep en water. Raadpleeg bij ernstige beet- en krabwonden de huisarts.
Vlooienbanden en kattenbakkorrels
Een vlooienband maar ook kattenbakkorrels zijn giftig. Probeer deze producten dus zo ver mogelijk bij je kind vandaan te houden. Heeft je kind bijvoorbeeld gelikt aan de vlooienband van je hond of kat, dan is het verstandig om als eerste je kind zijn mond te laten spoelen met water. Volg dan het advies van de Gifwijzer op en raadpleeg een arts.
Voorkomen
-
Probeer je kind te leren dat hij niet zomaar vreemde dieren kan aaien.
-
Je kunt je kind ook uitleggen dat hij dieren niet mag plagen of boos mag maken.
-
En dat hij een dier dat eet of slaapt het beste met rust kan laten. Vooral honden zijn erg territoriaal en kunnen agressief reageren als ze tijdens het eten of slapen gestoord worden.
-
Probeer jonge kinderen niet alleen te laten met een hond of kat.