Sommige jongeren vinden het moeilijk om vrienden te maken. Ze vinden het bijvoorbeeld moeilijk om spontaan op iemand af te stappen en ze voelen zich onzeker. Andere jongeren hebben juist veel vrienden en lijken daardoor erg zelfverzekerd.
Je hebt hier nu niet veel invloed meer op. Je kunt een luisterend oor bieden en, als je kind dat wil, wat advies geven. Je kind is volwassen en dient nu zelf problemen op te lossen. Dat kun jij niet meer voor hem doen. Naarmate je kind ouder wordt, kiest je kind ook meer zelf. Vrienden blijven belangrijk, maar hun invloed op je kind wordt minder. Een jongvolwassene weet wat hij zelf belangrijk vindt.
Invloed vrienden
Jongeren zoeken vrienden bij wie ze zich thuisvoelen. Als je kind bij een vriendengroepje of subcultuur hoort, doet hij grotendeels dezelfde dingen, luistert hij naar dezelfde muziek en draagt hij dezelfde kleding. Dit gaat veranderen. Je kind heeft een duidelijker gevoel van eigen identiteit. Ook het afzetten tegen neemt af.
Zelfverzekerd
Vrienden kunnen je kind meer zekerheid geven. Doordat hij vrienden heeft die graag met hem omgaan, voelt hij begrip, respect en bevestiging. Dit is belangrijk voor een positief zelfbeeld. Daarnaast kan je kind ook groeien in zijn sociale vaardigheden.
Foute vrienden
Behalve een positieve invloed, kunnen vrienden ook een negatieve invloed op je kind hebben. In dat geval gaat het om slechte of verkeerde vrienden. die je kind aansporen tot spijbelen, roken, drankmisbruik en drugsmisbruik.