Schelden en vloeken

Bookmark and Share

Je schrikt misschien als je kind ineens een scheldwoord of een vloekwoord gebruikt. Of je hebt dit al vaak meegemaakt en vraagt je af kunt doen aan al dat schelden en vloeken.

Weet je kind wat hij zegt?

Je kind begrijpt misschien niet meteen wat het woord betekent, maar heeft wel in de gaten welke reacties het uitlokt. Bijvoorbeeld als mensen gaan lachen of gniffelen, dan is dat positief. Maar het kan ook zijn dat een woord stoer klinkt of door populaire kinderen gebruikt wordt.

Wat kun je doen?

  • Om te voorkomen dat je kind scheld- en vloekwoorden gaat gebruiken, is het allereerst verstandig om zelf het goede voorbeeld te geven. Gebruik dus geen scheldwoorden, vloekwoorden of andere schuttingtaal.
  • Daarnaast kun je beter niet gaan lachen, maar op serieuze of strenge toon uitleggen dat je kind dat woord niet mag zeggen. En waarom niet. Stel duidelijke grenzen aan het taalgebruik van je kind en wees consequent.
  • Bij vloeken en schelden werkt negeren meestal goed.
  • Je kunt eventueel ook een woord corrigeren en je kind een ander (onschuldig) vloekwoord aanleren, zoals chips in plaats van shit. Bij jonge kinderen helpt dat soms.