Een goede taalontwikkeling vraagt om stimulatie. Van jongs af aan is het verstandig je kind genoeg taal aan te bieden. Dat hoeft geen hogeschoolwerk te zijn. Met elkaar praten en voorlezen is prima.
Ook als je zelf geen Nederlands spreekt, kan je kind prima Nederlands leren. Tweetalig of drietalig opvoeden hoeft geen probleem te zijn.
Tips!
-
Praten is communiceren. Daarbij hoort ook: oogcontact en geduld. Je kind moet leren dat je om de beurt praat. Anders hoor je niet wat de ander zegt.
-
Houd veel gesprekjes met je kind. Dat kan eigenlijk de hele dag door: tijdens het eten, tijdens het naar school lopen, bij het naar bed gaan.Maak van het naar bed gaan een ritueel. Praat samen na over de dag. Vaak vertelt je kind voor het slapen gaan nog wat hij die dag gedaan heeft.
-
Vertelt je kind een verhaal? Neem dan de tijd om er rustig naar te luisteren. En laat hem helemaal uitpraten voordat je reageert. Help je kind zo nodig verder vertellen door iets te herhalen wat je kind heeft gezegd of door een vraag te stellen.
-
Praat je kind weinig? Stel dan niet te veel vragen. Dat werkt niet. Je kunt hem beter iets vertellen wat jij zelf hebt meegemaakt. Daar kan hij dan op reageren.
-
Veel voorlezen, naar de bibliotheek, je kind zelf boekjes laten lezen.
-
Laat je kind naar digitale boeken kijken. Deze boeken kun je op voorlezen zetten of je kind kan zelf lezen. Kinderen vinden dit prachtig.
-
Er zijn veel computerspelletjes, websites en apps voor de taalontwikkeling.
-
Samen rijmen, rijmpjes en gedichten opzeggen, liedjes zingen en liedjes en (gekke) versjes bedenken.
-
Uitstapjes maken: in iedere situatie leert je kind andere woorden en zinnen.
-
Taalspelletjes doen en spelen met elkaar. Rollenspel is bijvoorbeeld heel goed voor de taalontwikkeling. Jij kunt met je kind spelen. Maar ook als kinderen met elkaar fantasiespel spelen, is dat heel goed voor hun taal.
-
Doe activiteiten met 'schrift': kaartjes schrijven, boodschappenlijstje maken, een briefje voor oma, enzovoort!