Spreken jij en je partner een verschillende taal? Of vind je het belangrijk dat je kind een extra taal leert? Dan kun je je kind tweetalig opvoeden. Dat komt steeds meer voor.
Als je je kind tweetalig opvoedt, is het belangrijk dat je een manier kiest die het best bij het gezin past. Er zijn meerdere manieren die tot hetzelfde resultaat leiden.
Eén persoon één taal
Bij een meertalige opvoeding is de één-persoon-één-taalstrategie een goede manier om kinderen 2 talen tegelijk te leren. De vuistregel is dan: probeer de talen te scheiden. Is de ene ouder beter in het Nederlands? Dan spreekt die Nederlands, en de ander de moedertaal.
Eén situatie één taal
Maar je kunt ook per situatie afspreken welke taal er gesproken wordt. Bijvoorbeeld: aan tafel spreken we altijd Nederlands. Dat heet dan de één-situatie-één-taalstrategie.
Je eigen moedertaal
Als jullie thuis een andere taal beter beheersen dan het Nederlands, is het beter voor de taalontwikkeling van je kind om consequent te spreken in de taal die jullie het beste spreken. Dat zal vaak je eigen moedertaal zijn. Praat veel met je kind in je eigen taal, dan leert hij alvast één taal goed spreken. Tegelijkertijd ontwikkelt hij een taalgevoel dat bij het leren van andere talen nodig is.
Nederlands leren
Natuurlijk is het belangrijk dat je kind ook goed Nederlands leert. Daarvoor zijn veel contacten nodig met Nederlanders. Je kunt je kind ook vanaf 2 jaar naar de voorschool laten gaan. Daar wordt de taalontwikkeling van je kind gestimuleerd.
Tips
Ben je niet Nederlands, maar blijf je wel in Nederland wonen? Leer dan zelf ook Nederlands.
Spreek je wel Nederlands, maar niet de taal van je partner? Dan kun je ook overwegen om die taal te leren.
In het begin kan een kind soms de woorden van verschillende talen in een zin door elkaar husselen, maar dit gaat vanzelf over.
Breng je kind in contact met leeftijdsgenootjes, kinderen in de buurt, familie en kennissen die de taal spreken die je kind nog moet leren.
Zorg dat het taalaanbod gelijk verdeeld is. Probeer zoveel mogelijk verschillende situaties en dus ook woorden en taalervaringen aan te bieden.
Als je kind wat ouder is kun je kinderboeken in je moedertaal en in het Nederlands uit de bibliotheek lenen. Later kun je hem ook computerspelletjes laten doen, waar je kind spelenderwijs beter Nederlands van leert. Voor kinderen vanaf 2 jaar zijn er leuke digitale voorleesboeken.
Eenmaal gekozen om een bepaalde taal aan te leren? Ga hier dan mee door, ook op de lange termijn. Je kind verleert een taal als hij de taal niet meer gebruikt.