In de box kan je kind even zelf spelen. Zo leert hij hoe hij zich kan bewegen. En soms moet je je kind even neerleggen. De box is dan een veilige plek.
Rustig opbouwen
Het is aan te raden het rustig op te bouwen. Als je kind de eerste keer een kwartier in de box ligt, is dat lang genoeg. Zo geef je hem de tijd om aan de box te wennen. Zodra je kind zich gaat optrekken en probeert te gaan staan, kun je de bodem in de laagste stand zetten.
Waar zet je de box neer?
Zet de box het liefst in een hoek. Dat is rustig voor je baby. Bij een raam is ook leuk! Dan kan hij naar het licht en naar de wolken kijken. Zorg er wel voor dat je kind niet bij de koordjes van (rol)gordijnen kan en ook niet bij de verwarming.
Een goede box
Een goede box heeft een verstelbare bodem en stevige spijlen die 4,5 tot 6,5 centimeter uit elkaar staan. Maar houd je kind in de gaten! Voor je het weet, kan hij een spijltje vastpakken. Dan wordt omrollen gemakkelijker. Als je de bodem op tijd omlaag zet, kan hij niet uit de box vallen.
Op de buik
Leg je baby regelmatig even op zijn buik in de box. Blijf er wel bij! Leg steeds een paar speeltjes in de box. En na een tijdje ruil je dat om met ander speelgoed, zo blijft het leuk! Maak geen speelgoed met touwtjes aan de box vast. Daaraan kan je baby zich pijn doen.